Het seculiere verhaal verliest zijn overtuigingskracht. Het harde atheïsme blijkt geen thuis, maar een leegte die blijft knagen. Juist nu dienen zich mensen aan die zoeken naar zin.
Wat verbindt Kees van Ekris, Bas van der Graaf, Anne van Olst en Graham Tomlin? Zij signaleren een kentering, een trendbreuk, een omslag. En zij niet alleen; het seculiere denken heeft zijn beste tijd gehad. Het loopt leeg als een losgelaten ballon. Het harde atheïsme loopt stuk op een diep verlangen in de mens naar iets waardoor je boven jezelf uitstijgt. Een verlangen dat steeds opnieuw opborrelt, een zeurend gevoel van leegte. Meer dan ooit komen er zoekers op ons pad. Als de kerk alsmaar blijft hangen in het bestrijden van het moderne atheïsme, verspilt ze haar kansen. De velden zijn nu wit om te oogsten. De Heilige Geest brengt ons op het spoor van mensen die nieuwsgierig zijn naar Jezus, naar het geloof in Hem. Het postmodernisme wint terrein. Het is zaak dat de kerk zich daarvan rekenschap geeft.
Herkenning
Ik denk dat velen van ons dit inzicht dankbaar erkennen. De ervaring leert inderdaad dat je nu aanmerkelijk meer onbevangen over God en Jezus kunt spreken dan enkele generaties terug. We horen steeds vaker dat mensen die zonder Bijbel en zonder geloof in God zijn opgegroeid, zich laten dopen en hun weg vinden in een christelijke gemeente. Wie zou daarvoor niet dankbaar zijn en God eren? Ik meen dat oprecht en van harte. Toch merk ik tegelijk dat ik niet helemaal gerust ben. Hoe komt dat?
Waarheid is een relationeel begrip, een verbondswoord
Visie op bestaande cultuur
De klassieke zendingsvraag luidt: op welke punten kun je als zendeling met het Evangelie aansluiten bij de bestaande cultuur? En: wat is in het Evangelie onopgeefbaar, zodat het gaat wringen en misschien zelfs gaat botsen?
De vraag is of het postmodernisme meer openheid voor zending biedt dan het modernisme. Het antwoord op die vraag hangt mogelijk af van je kijk op de geschiedenis. Gaan wij het laatste der dagen in? In 2 Thessalonicenzen 2 spreekt de apostel over “de wetteloze”. Dat is de verblinde mens, die vatbaar is voor misleiding en zich overgeeft aan leugens. Zijn we gekomen in een laatste fase, waar “verharding” de toon zet, waar mensen zich gretig overgeven aan losbandigheid (Ef. 4)? Heeft God ons aan onszelf “overgegeven” (Rom. 1)? Het zal waar zijn dat de Heilige Geest elke cultuur aankan. Hij baant altijd wel wegen. Maar is het om het even? Mogen wij dat ook verwachten in een na-christelijke cultuur?
Vloeibare waarheid
Het postmodernisme heeft een bepaalde openheid. Dat is vooruitgang. Het verstikkende, arrogante wereldbeeld van de verlichting verbrokkelt. Tegelijk is er in zeker opzicht ook achteruitgang. In het postmodernisme kan niemand er aanspraak op maken dat hij de waarheid kent. Er is geen universeel kader waarbinnen waarheidsaanspraken geldig zijn. “Het christendom is acceptabel, omdat sommige mensen het als waar zien – niet omdat het waar ís”, zegt de Britse theoloog Alister McGrath. Alles kan waar zijn, zolang jij het gevoel hebt dat het waar is. Maar Jezus zegt: “Ik ben de Waarheid. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” In het twistgesprek met Joodse leiders zegt Hij: “u bent van beneden, Ik ben van boven”. Het wereldbeeld van het postmodernisme is even gesloten als dat van het modernisme. De woorden van Jezus passen echter niet binnen het kader van een gesloten wereldbeeld. Het is onvermijdelijk dat vroeg of laat de vraag gesteld wordt: “Wie bent U?” (Joh. 8:25). Wat Jezus ons zegt, heeft Hij gehoord en ontvangen van Zijn Vader. Hij komt van elders, en Zijn woorden breken van elders binnen. Dat lijkt mij nog altijd even problematisch als voorheen.
“Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn discipelen, en u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken” (Joh. 8:31-32).
"*" geeft vereiste velden aan