Waar bent u naar op zoek?

Serie ambtsdragers: jeugdouderling Gerjo van Eijnsbergen

Interviewserie ambtsdragers: ‘Jongeren nemen niet alles meer klakkeloos aan’

Louis Seesing
Door: Louis Seesing
Ambt
14-01-2026

Predikant, ouderling of diaken: het ambt is geen functie, maar een roeping. In 'Wees dan navolgers', recent verschenen in de Artios-reeks, staat die roeping centraal. Gerjo van Eijnsbergen (37), jeugdouderling van de hervormde gemeente in Hasselt, las het boek. “Het ambt heeft iets kwetsbaars, zeker het ambt van jeugdouderling.”

Het boekje spreekt over de vreze des Heeren als grondhouding. Hoe probeert u dat in uw ambt concreet gestalte te geven?
“Ik zie God als Iemand Die heel dicht bij mij staat. Een Vader Die al bij mijn doop aan mij beloofd heeft dat Hij van mij houdt en voor mij zal zorgen. Tegelijkertijd probeer ik er ver bij vandaan te blijven dat ik Hem vooral als een vriendje behandel. Hij is zeker een Vriend aan wie ik alles kwijt kan, maar bovenal een heilig God waar ik ontzag voor heb. Dat probeer ik ook de jongeren uit de gemeente voor te houden. We mogen een intieme relatie hebben met God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, maar wel vanuit een diep ontzag voor wat de Drie-enige God voor ons doet.

Ik probeer ook heel bewust de vreze des Heeren terug te laten komen in wat ik deel via onze kerk-app, social media of het kerkblad. Wel in de taal van nu, dus ik zal niet snel de woorden ‘vreze des Heeren’ gebruiken. Maar ik wil wel voorleven dat we – in alle intimiteit – een heilig ontzag moeten hebben voor de God van hemel en aarde. Ik wens onze jongeren dat ook echt toe, dat ze mogen ervaren dat onze trouwe God tegelijk heel dichtbij is en een persoonlijke relatie met ons wil hebben, maar ook alles overstijgt en deze wereld in Zijn hand houdt. Hij belooft met ons mee te gaan tot het einde van de wereld.”

De auteurs schrijven ook dat het ambt geen functie is, maar een roeping. Hoe onderscheidt u in uw ambtswerk het ‘moeten’ van ‘mogen’ en de ‘taak’ van ‘roeping’? 
“Dat is eerlijk gezegd wel een worsteling voor mij geweest. Ik sluit niet uit dat dit in de toekomst een kwetsbaar punt blijft. Dat heeft vooral met mijzelf te maken. Ik ben van nature niet iemand die zichzelf graag op de voorgrond zet of die hoog van de toren blaast. Tekenend was een lied dat ik doorgestuurd kreeg toen ik verkozen was: ‘De jongen zonder naam’ van Christian Verwoerd. Dat voelde als de spijker op z’n kop.

Ik was verbaasd toen ik verkozen werd als jeugdouderling. Ik ben geboren en getogen in de CGK in Hasselt en vanwege mijn huwelijk heb ik de overstap gemaakt naar mijn huidige gemeente. Voor mijn gevoel ben ik nog altijd een nieuwkomer en ook nog eens een broekie. Ik ben 37 jaar oud, maar inmiddels wel zes jaar jeugdouderling. Het is soms hard werken, maar vooral een zegen en een voorrecht om te mogen werken in Gods wijngaard. Ik vind het bijzonder dat God mij wil gebruiken, met al mijn lek en gebrek. Is het dus een roeping? Overduidelijk: ja! Als het een taak was geweest, was ik allang gestopt of er zelfs niet aan begonnen. Het is pure genade en Zijn verdienste.”

In het boekje staat ook dat de ambtsdrager een navolgenswaardig leven moet leiden. Merkt u als ouderling dat u kritisch(er) gevolgd wordt door de gemeente?
“Lastig om te zeggen. Het staat wel als een paal boven water dat er anders naar mij – en mijn gezin – gekeken werd dan voordat ik jeugdouderling werd. Vroeger gaf ik kinderen van een basisschool in Hasselt schoolvoetbaltraining. Toen was ik Gerjo, ‘je’ en ‘jij’. Nu ben ik “de jeugdouderling” en spreken dezelfde kinderen – die inmiddels jongeren zijn – me aan met ‘u’. Dus ja, er wordt wel anders naar mij gekeken, maar ik ervaar geen kritische houding vanuit de gemeente.

Anderzijds zou ik het geen probleem vinden als ik kritisch gevolgd word. Juist omdat ik jeugdouderling ben, heb ik een voorbeeldfunctie. Daar wil ik ook voor staan. Niet om het zo goed mogelijk te doen voor de mensen, maar om God alle eer te geven in en met mijn leven. Je zou kunnen zeggen dat het zijn van jeugdouderling mij ook helpt om bewuster te leven, omdat ik me ervan bewust ben dat er naar me gekeken wordt. Tegelijkertijd zou het niet zo moeten zijn dat er opgekeken wordt tegen kerkenraadsleden of dat ze extra kritisch gevolgd worden. We zijn uiteindelijk allemaal geroepen om God na te volgen om Hem daarmee alle eer te geven.”

Ds. Mensink en ds. Verhoeven spreken veel over kwetsbaarheid. Waar ervaart u kwetsbaarheid in uw ambt?
“Het vervullen van een ambt is iets kwetsbaars, zeker het ambt van jeugdouderling. Het werken met kinderen en jongeren is het mooiste wat er is, maar niet eenvoudig. Er komt veel op onze jongeren af en hoe ga je daarmee om? Jongeren zijn op een goede manier kritisch op het kerk-zijn en brengen 1 Thessalonicenzen 5:21 (‘Beproef alle dingen, behoud het goede’, red.) misschien wel meer in praktijk dan vroeger gedaan werd. Ze nemen niet meer klakkeloos aan wat mensen in de kerk zeggen en doen. Als ik daarover gesprekken voer met de jongeren, voelt dat kwetsbaar. Uiteindelijk hoop en bid ik dat jongeren een keuze voor God maken en dat ze een plek vinden waar ze kunnen groeien in geloof.

Ik probeer onze jongeren vooral te ‘zien’ en te laten ervaren dat ze er echt bij horen en ertoe doen. Maar het belangrijkste is dat ze weten dat er een God is Die naar hen omziet en met hen meegaat. Ik moet daarbij vaak denken aan Psalm 139. Onze hemelse Vader kent ons door en door en daarom mogen we er ook op vertrouwen dat het Hem niet uit de hand loopt. Hij gaat met mij als ambtsdrager mee, maar ook met onze jongeren.”

Wat zou u kerkenraden toewensen?
“Ik wens de broeders toe dat ze mogen ervaren dat ze het niet alleen hoeven te doen. We zijn niet zomaar geroepen tot het ambt. Niet omdat we zelf zo geschikt zijn, maar omdat we een hemelse Vader hebben Die met ons meegaat door de genade die we door Zijn Zoon, de Heere Jezus Christus, mogen ontvangen. Vervuld met Zijn Heilige Geest mogen we werken in de wijngaard en mogen we het werk vervolgens ook aan Hem teruggeven.

Die ontspanning wens ik de broeders toe. Maar niet alleen kerkenraadsleden, ook ouders die hun kinderen soms andere wegen zien gaan. Het is geen mensenwerk, maar Gods werk. Het enige wat Hij van ons vraagt, is om te leven uit Zijn genade en beelddragers van Hem te zijn. Hem komt alle eer toe!”

Louis Seesing
Louis Seesing

is redacteur van De Waarheidsvriend.